Voorzetsels

Voltooi elke zin met het juiste voorzetsel!

  1. Vraag 1: het juiste voorzetsel opschrijven voor de positie van Water ten opzichte van cilinder.
  2. Vraag 2: het juiste voorzetsel opschrijven voor de positie van Winkelwagen ten opzichte van kubus.
  3. Vraag 3: het juiste voorzetsel opschrijven voor de positie van Ei ten opzichte van hart.
  4. Vraag 4: het juiste voorzetsel opschrijven voor de positie van IJs ten opzichte van vierkant.
  5. Vraag 5: het juiste voorzetsel opschrijven voor de positie van Boter ten opzichte van zeshoek.
  6. Vraag 6: het juiste voorzetsel opschrijven voor de positie van Chocoladereep ten opzichte van driehoek.
  7. Vraag 7: het juiste voorzetsel opschrijven voor de positie van Kassa ten opzichte van ster.
  8. Vraag 8: het juiste voorzetsel opschrijven voor de positie van Taart ten opzichte van cirkel.
Afdrukbaar Voorzetsels-werkblad over In de supermarkt voor kleuterklas

Probeer hierna een van deze: