Hulpmiddelen
Interactieve hulpmiddelen om vrij te verkennen. Geen opdrachten, geen controles — alleen het hulpmiddel.
Getallen en tellen
Tienraam
Bouw getallen tot 10 en 20
ProbeerGetallenlijn
Spring om op te tellen en af te trekken
ProbeerFlitsbeelden
Getalbeelden flitsen en napraten in de kring
ProbeerRekenrek
Kralen schuiven, flitsen en in één keer zien op het digibord
ProbeerGetallenlab
Bouw getallen met blokjes, cijfer en telwoord
ProbeerDe breukenkeuken
Snijd pizza, chocola en taart in gelijke stukken en ontdek breuken in gewone woorden.
ProbeerDe geldmat
Gepast betalen op het marktkraampje — en wisselgeld dat hardop wordt aangevuld.
ProbeerSamen tellen
De hele klas telt hardop mee — elke tik schrijft het volgende getal op het bord.
ProbeerHoeveel zitten erin?
Schat samen hoeveel het er zijn — elke schatting krijgt een stip.
ProbeerLege getallenlijn
Teken je eigen sprongen op een lijn zonder streepjes
ProbeerSplitsen
Eén geheel, twee delen — en een geheel dat nooit verandert.
ProbeerGetallenbalans
De balk kantelt — niemand hoeft «fout» te zeggen, en hoe ver hij kantelt zegt hoeveel het scheelt.
ProbeerPatroonwerkplaats
Een strook kralen op het digibord die jouw kern blijft herhalen, zodat de klas over het patroon kan praten in plaats van het alleen na te leggen.
ProbeerDe getallenzeef
De kaarten leggen niets uit: ze doen iets met het veld, en de klas leest aan de getallen die doven af wat erop stond.
ProbeerOnder de deksels
U legt deksels op een blad met fiches; onder elk deksel liggen er evenveel. De klas ziet alleen wat overblijft, kiest samen één getal op de getallenstrook, en pas daarna gaan de deksels omhoog.
ProbeerDe Wisselmachine
Onthouden en wisselen zijn één machine, die twee kanten op draait.
ProbeerHet breekbrood
Zeven rijen van zes breekt in vijf rijen van zes en twee rijen van zes — dezelfde broodjes, twee tafels die de klas al kent.
ProbeerHet Tafelluik
Honderd kaarten in de kast: de klas zet de steunsommen weg die ze al kent, en houdt 21 keersommen over — precies de lijst die er nog geleerd moet worden.
ProbeerDe Tienkokers
Veel te veel om te tellen — dus schep je het bij tien tegelijk op.
ProbeerHet Getallenhotel
Honderd kamers, tien gangen — de gang verklapt het tiental.
ProbeerDe getallenring
Op een ring staat de 0 recht onder de 9 — dat is precies wat een rij die ophoudt niet laat zien.
ProbeerDe drie palen
Drie palen op een lege baan — en in een tiental staan dezelfde drie er weer.
ProbeerDe afrondingsheuvel
Laat de steen los en hij rolt naar het dichtstbijzijnde tiental — behalve op de kam, waar de grond vlak is.
ProbeerDe doorgang
Kies de optocht, zeg hoeveel er blijven staan — en roep ze dan twee naast elkaar naar voren. Wie blijft staan ziet er hetzelfde uit als alle anderen; alleen de lege plek ernaast niet.
ProbeerHet scharnier
Zeg wat het dubbele wordt, klap het scharnier dicht en tel de schijven terwijl ze neerkomen. Open het daarna, en dezelfde schijven gaan weer gelijk over twee kleppen — één scharnier, allebei de kanten op.
ProbeerDe nissen
Er gebeurt iets, en niemand heeft nog iets gevraagd. De nis die ongezegd blijft, is de vraag.
ProbeerDe tussentijd
Tel de knikkers op de stoep. In de tussentijd zie je even niets, en daarna zijn het er andere — uitzoeken wat er gebeurd is.
ProbeerDe telrij
Tel een rij vriendjes vanaf de ene kant en dan vanaf de andere. Ieder krijgt een ander getal, maar hoeveel het er zijn blijft altijd hetzelfde.
ProbeerMeten, vormen en gegevens
Liniaal
Meet lengte in cm en inch
ProbeerOefenklok
Klokkijken met een klok die de tijd echt zegt
ProbeerWelke hoort er niet bij?
Vier vakken op het bord — en elk antwoord kan goed zijn
ProbeerMeetwerkbank
Schat en meet lengte, inhoud en gewicht
ProbeerSorteerhoepels
Twee hoepels, één geheime regel — en de hoepel beslist, zodat u kunt zwijgen en luisteren hoe ze denken.
ProbeerKlassengrafiek
De klas beantwoordt één vraag op het digibord, en de rij kinderen verandert voor hun ogen in een staafdiagram.
ProbeerHet vouwblad
De klas kleurt hokjes, legt de vouw waar het spiegelbeeld volgens haar ligt, en vouwt om te zien of dat klopt.
ProbeerDe kever en het stappenplan
Leg de kaarten klaar, laat de klas hardop voorspellen waar de kever stopt, en laat de baan dan pas lopen.
ProbeerDe toevalszak
Dezelfde zak, twee keer getrokken — en twee rijen die niet hetzelfde zijn.
ProbeerDe Rekbare Maat
Eén voorwerp ligt op het blad, eronder twee stroken van blokjes. Je sleept aan één blokje, de maat wordt groter of kleiner, de hele strook legt zich opnieuw en het getal verandert mee.
ProbeerHelemaal rondom
Een touwtje ligt helemaal rondom een vorm en gaat daarna recht op een lijn liggen die verdeeld is in breedtes van de vorm — bij een cirkel komt er altijd drie en een beetje uit.
ProbeerDe latten
Twee latten groeien vanaf dezelfde streep; over het deel waar de ene verder komt verschijnt een beugel, en dat stuk komt eraf en landt aan het eind van de korte lat — waar ze samen precies even ver komen.
ProbeerRechtop en plat
Een hoge zuil met een verdeling ernaast die je kunt verschuiven, met getallen boven én onder de nul — en één knop legt het hele ding plat, waarna er niets aan veranderd blijkt te zijn.
ProbeerDe bouwplaat
Negen vakjes met elk een getal van 0 tot 4 – en ernaast staat het bouwwerk dat die getallen vormen. Verander je iets op de bouwplaat, dan verandert het bouwwerk; verander je iets aan het bouwwerk, dan verandert de bouwplaat.
ProbeerDe vormrekker
Draai de vorm zo ver je wilt: aan de labels verandert er niets. Trek hem scheef en er laat een label los — kantelen en scheeftrekken lijken op elkaar, en maar één van de twee levert je een andere vorm op.
ProbeerLezen en klanken
Klankdozen
Hakken en plakken met klankvakjes
ProbeerKlankenbord
Klanken plakken tot echte woorden
ProbeerLetterdoos
Magnetische letters om woorden mee te bouwen
ProbeerWoordmuur
1.495 woorden met plaatjes die zichzelf zeggen
ProbeerDe verhalenwaslijn
Hang verhaalkaarten aan de waslijn en hoor het verhaal groeien — eerst, dan, daarna, tot slot.
ProbeerHartwoorden
Zie welk stukje van een woord je uit je hoofd leert.
ProbeerKlap de klankgroepen
Klap de klankgroepen, tik op de trommel en zie bij elke klap een boog onder het woord verschijnen.
ProbeerHet letterhuisje
Elke letter, elke tweetekenklank en elk cijfer, groot op de schrijflijnen — het vuurvliegje gaat voor, daarna schrijf je zelf met je vinger.
ProbeerDe dicteetafel
U zegt het woord, zij schrijven het — en dan gaat het open, klank voor klank.
ProbeerLeesboogjes
Eén zin op het digibord, door de klas in boogjes verdeeld en twee keer voorgelezen: één keer als een robot en één keer zoals jullie hem bedoelden.
ProbeerKlassenroutines
Kalenderbord
Kalender, schooldagen en weer op het digibord
ProbeerKlassentimer
Rustig aftellen bij elke overgang op het digibord
ProbeerBeurtenstokjes
Iedereen eerlijk aan de beurt
ProbeerHoekenbord
Het hele hoekenwerk op het digibord — doordraaien met één tik
ProbeerDe slaapuil
Een slapend uiltje op het digibord dat je klas vanzelf zachter laat praten — samen laten we hem slapen.
ProbeerOnze dag
Digitale dagritmekaarten voor op het digibord: bouw de schooldag met kaartjes en laat de zon meelopen.
ProbeerGevoelsbord
Hoe voel je je vandaag? Een rustige start van de schooldag
ProbeerHet zegbord
Een kind zonder woorden tikt op een plaatje, en de klas hoort het.
Probeer



























































