Tel de objecten en schrijf het getal!
- Vraag 1: overal op de afbeelding omcirkelen: Plank.
- Vraag 2: overal op de afbeelding in een vierkant zetten: Nachtkastje.
- Vraag 3: overal op de afbeelding tellen en het totaal opschrijven: Boekenkast.
- Vraag 4: overal op de afbeelding doorstrepen: Spiegel.