- Getallen: tot 24
- Optellen en aftrekken
- deels met, deels zonder tienoverschrijding
Wat oefent dit blad?
Plus en min wisselen per vakje: 2 + 2, dan 24 - 14. Het kind moet dus bij elke som opnieuw kijken welke bewerking er staat. De getallen lopen tot 24 en gaan daarmee net over de 20 heen. Dit blad gaat met getallen tot 24 boven de 20 uit. In de meeste methodes komt dat pas in groep 4 aan bod — zet het in groep 3 alleen in bij kinderen die tot 20 al vlot rekenen.
De negen sommen op dit blad: 20 - 14, 9 - 1, 13 - 8, 13 - 6, 24 - 14, 2 + 2, 19 - 10, 1 + 2, 12 - 10.
Waarom het zichzelf nakijkt
Het blad kijkt zichzelf na: klopt een uitkomst niet, dan past het stukje niet in de plaat. Het kind ziet de fout zelf en kan hem herstellen zonder te vragen.
Zo zet je het in
Na verlengde instructie kun je het blad als oefening inzetten. In tweetallen leggen twee kinderen om beurten een stukje en zeggen daarbij hun uitkomst hardop.
Op het antwoordblad staan alle negen uitkomsten — handig om voor het printen even te kijken of het getalgebied past. Omdat elk antwoord van 2 t/m 10 een keer voorkomt, kan een kind de laatste stukjes afleiden. Laat de uitkomsten eerst opschrijven als je dat wilt voorkomen. Let op: alleen de minsommen gaan over het tiental. Voor optellen over de tien heb je een ander blad nodig. De plaat hoort bij het thema Beroepen.