- Getallen: tot 23
- Optellen en aftrekken
- grotendeels zonder tienoverschrijding
Wat oefent dit blad?
Plus en min wisselen per vakje: 3 + 3, dan 23 - 14. Het kind moet dus bij elke som opnieuw kijken welke bewerking er staat. De getallen lopen tot 23 en gaan daarmee net over de 20 heen. Dit blad gaat met getallen tot 23 boven de 20 uit. In de meeste methodes komt dat pas in groep 4 aan bod — zet het in groep 3 alleen in bij kinderen die tot 20 al vlot rekenen.
De negen sommen op dit blad: 10 - 6, 9 - 6, 3 + 3, 2 + 5, 7 - 2, 23 - 14, 18 - 10, 12 - 10, 16 - 6.
Waarom het zichzelf nakijkt
Of het goed gerekend heeft, ziet het kind aan de plaat. Een stukje dat niet past wijst aan welke som nog een keer bekeken moet worden — niet waarom hij fout ging.
Zo zet je het in
Handig voor een invalles of het laatste half uur: de uitleg is een zin en niemand hoeft na te kijken.
Op het antwoordblad staan alle negen uitkomsten — handig om voor het printen even te kijken of het getalgebied past. Elke uitkomst van 2 t/m 10 komt precies een keer voor, dus de laatste sommen kunnen worden weggestreept. Laat de sommen hardop zeggen als je zeker wilt weten dat ze echt gerekend zijn. Let op: alleen de minsommen gaan over het tiental. Voor optellen over de tien heb je een ander blad nodig. De plaat hoort bij het thema Klaslokaal.